Begroting 2017 - 2020

Zorg en welzijn

Wat willen we bereiken?

Meerjarig beleidsperspectief

We zijn in 2015 gestart met de ambitie om een beweging op gang te brengen in het sociale domein. Deze ambitie hebben we aangescherpt en duurzaam verankerd in het strategische programma ‘Sociale Stad’. Met deze beweging willen we terug naar de essentie van onze stad. De bedoeling is dat mensen zo lang mogelijk mee kunnen doen in de samenleving, dat ze rondkomen, vooruitkomen en dat wie het nodig heeft passende ondersteuning krijgt. Daarbij staan we voor een sterke basis en kwaliteit, die we met elkaar bewerkstelligen en betaalbaar houden: inwoners, (lokale) partners, zorginstellingen, werkgevers, het Werkbedrijf en de gemeente. Dit draagt bij aan sociale stijging van individuele inwoners, van wijken en van onze stad. Een sociaal sterke stad als motor voor ontwikkeling en voor een veilige, prettige leefomgeving en een werkomgeving die kansen biedt.

Met de transformatie willen we de zorg en ondersteuning van kwetsbare mensen vereenvoudigen, en onze inwoners waar mogelijk de regie over hun leven  te geven. We ontwikkelen door  naar een situatie  waarbij inwoners erop vertrouwen dat zij samen met een professional in hun wijknetwerk in staat zijn hun ondersteuningsvraag te formuleren en oplossingen te vinden die passen bij hun situatie. Samen willen we zo het verschil maken:

-   voor de ontwikkel- en innovatiekracht uit onze stad;
-   in de preventie;
-   in de buurten en wijken;
-   in  ondersteuning van inwoners;
-   in de zorg en opvang voor de meest kwetsbare inwoners.

Verschil maken voor de ontwikkel- en innovatiekracht
Met de geboorte van het Stadsl@b is er vanaf 2016 een centrale plek ontstaan van waaruit initiatieven die hierom vragen kunnen worden ondersteund, verrijkt en verder geholpen. We hebben het afgelopen jaar gezien dat inwoners vindingrijke initiatieven en activiteiten oppakken die onze stad sterker, socialer, gezonder en duurzamer maken én ontzorgen. Komende jaren blijven we het Stadsl@b ondersteunen om deze rol met verve te pakken en een duidelijke plek te verwerven in onze stad. Daarnaast maken we met onze partners werk van slimme internettoepassingen die de zelfregie ondersteunen (bijv. Guido, Sharecare en Helmond voor Elkaar, maar willen we ook een impuls geven aan het gebruik van domoticatoepassingen in onze stad).

Daar hoort ook het project Brainport Slimme Wijk bij. Binnen het strategische programma is het meewerken aan die slimste wijk een van de speerpunten. Daarbij zetten we de sociale invalshoek stevig op de agenda: ‘slim’ betekent immers niet alleen technologisch, maar vooral ook sociaal vooruitstrevend. Het zijn juist de sterke sociale netwerken, de zelfvoorzienendheid, gezond eten en veel bewegen – ook op latere leeftijd – die hieraan ten grondslag liggen.

Verschil maken in preventie
Nu we sinds de decentralisaties ook verantwoordelijk zijn voor de ondersteuning van heel kwetsbare inwoners, zien we steeds beter waar we met onze partners preventief het verschil kunnen maken en welke (groepen) inwoners of gebieden daarbij extra aandacht vragen. Dit geeft mogelijkheden om de preventieaanpak te versterken en beter te richten. We zetten komende jaren in op onder andere het stimuleren van een goede gezondheid, maatschappelijke participatie (het liefst in regulier werk) en het voorkomen van schuldenproblematiek. Onze wijknetwerken signaleren snel wat nodig is en wat ontbreekt; we willen hen ruimte geven om snel oplossingen te creëren passend bij een buurt of wijk.  

Verschil maken in de buurten en wijken
Komende jaren gaan we gericht een aantal kwetsbare buurten in onze stad revitaliseren en veerkrachtig maken met een samenhangende aanpak, voortkomend uit alle strategische programma’s. Het betreft hier de Leonardusbuurt, de Annawijk en de Waart. We richten samen met de inwoners de openbare ruimte opnieuw in, waarbij we de mogelijkheden gebruiken van domotica (de integratie van technologie en diensten, ten behoeve van een betere kwaliteit van wonen en leven), ruimte voor ontmoeting creëren en de openbare ruimte optimaliseren met het oog op duurzaamheid en gezondheid.
We gaan aan de slag met alle inwoners uit deze buurten, die op dit moment aangewezen zijn op een uitkering en/of niet beschikken over een startkwalificatie. Iedereen, ongeacht de afstand tot de afstandsmarkt, krijgt ondersteuning bij het vinden van een opleiding, baan en/of een zinvolle dagbesteding. Dit betekent meer participatiecoaches, meer jongerencoaches, maar ook meer banen (zie hiervoor programma 2 Werk en Inkomen) en andere mogelijkheden voor daginvulling. Het Stadsleerbedrijf heeft een belangrijke rol als het gaat om het uitbreiden van de mogelijkheden voor daginvulling. Het komende jaar stijgt het aantal inwoners dat via het Stadsleerbedrijf geplaatst wordt naar 250.
We zorgen verder dat deze buurten een betere toegang krijgen tot de wereld. We denken hierbij aan het aanbieden van gratis wifi op ontmoetingsplaatsen zoals wijkaccommodaties.  Inwoners uit deze buurten (vooral jongeren) willen we bovendien toegang geven tot culturele en sportieve voorzieningen en hun participatie vergroten. Dit kan door projecten in de wijken te organiseren, maar ook openstelling en toegang tot stedelijke voorzieningen op het gebied van cultuur en sport kunnen bijdragen aan een sociaal maatschappelijke stijging van onze inwoners. Het onderzoeken van kansen en mogelijkheden op De Braak in aanvulling op de sportieve activiteiten kan worden aangemerkt als sociale impuls. De directe omgeving van de Braak wordt tevens betrokken bij de herinrichting (zie hiervoor programma 6).

Verschil maken in ondersteuning van inwoners
Voor inwoners die het niet op eigen kracht en met hulp van basisvoorzieningen redden, zetten we in op slimmere, samenhangende ondersteuning, dichtbij en samen met de inwoner en zijn omgeving. De Transformatieteams vervullen hierin een belangrijke rol. In deze teams zijn ook de Wmo-consulenten vertegenwoordigd en is GGZ-expertise aanwezig. Komende jaren investeren we in de doorontwikkeling van een nieuwe manier van werken en een hoogwaardige integrale toegang voor onze inwoners. Een brede blik, maatwerk, 1 huishouden – 1 plan – 1 regisseur, regie voor inwoners en inzet van slimme zorgtoepassingen en ervaringsdeskundigheid zijn hierbij sleutelbegrippen. Meer concreet realiseren we per 1 januari 2017 een klantcontactcentrum voor het sociaal domein, waar professionals met kennis van zaken onze inwoners te woord staan. Dit ontwikkelen we samen met kernpartners door tot een integrale toegang, die ook de zorg en ondersteuning van onze kernpartners omvat. Ter ondersteuning van onze inwoners en professionals in de wijknetwerken investeren we in een regiesysteem.

Om onze inwoners nog meer maatwerk en kwaliteit te kunnen bieden en professionals hiertoe te faciliteren, ontwikkelen we door binnen de maatschappelijke ondersteuning. Op basis van gesprekken met inwoners en professionals, op basis van cliëntervaringsonderzoeken en eerste evaluaties kunnen we constateren dat er heel veel goed gaat in de ondersteuning van onze inwoners. De tevredenheid van cliënten over de kwaliteit van de ondersteuning vanuit de Wmo is groot en draagt bovendien in hoge mate bij aan de zelfredzaamheid en de kwaliteit van leven. Toch zijn er mogelijkheden om nog verder te verbeteren. Zo gaan we onze zorgaanbieders actief bevragen om met oplossingen te komen voor afbakeningsproblematieken en meer ruimte voor maatwerk in de dienstverlening. In ruil daarvoor zijn wij bereid tarieven voor Wmo-voorzieningen te verhogen. Daarnaast leggen we aan de raad een voorstel voor om met ingang van 1-1-2017 de eigen bijdrages voor Wmo-voorzieningen te verlagen.  

Ook gaan wij op verzoek van de eerstelijns professionals in onze wijken en buurten een aantal zaken stroomlijnen. Denk hierbij aan overleggen tussen uitvoeringsorganisaties en professionals in de gebieden (die ervaren worden als ‘te veel’ en ‘te weinig efficiënt’). Maar ook aan het beter en eerder betrekken van de GGZ bij de transformatie en de uitvoering in de wijken. Dit doen we via het actieprogramma van de Transformatieteams. Met de ontwikkeling van een 3D-regiesysteem stroomlijnen we de (soms vele) intakes van inwoners bij hulpverlening (waarbij de regie en toestemming voor informatiedeling nadrukkelijk bij de inwoner zelf komt te liggen). Ook ondersteunen we hiermee het werken volgens het principe 1 huishouden, 1 plan, 1 regisseur.

Verschil maken in de opvang en zorg voor de meest kwetsbare inwoners
We willen veiligheid en bescherming voor al onze inwoners en we hebben aandacht voor degenen die dit niet vanuit eigen kracht kunnen of willen, en daarbij ongewild soms ook van overlast zijn voor hun omgeving. Bij inzet van zorg en ondersteuning maken we werk van meer diversiteit in ondersteuningsvormen zoals zelfhulp en ervaringsdeskundigen. We kijken hoe we onze huidige voorzieningen kunnen doorontwikkelen, zodat zij beter aansluiten bij  de behoefte van onze inwoners. Denk hierbij aan de ontmoetingsfuncties voor mensen met psychische problemen en andere inwoners die zelfstandig de aansluiting niet meer vinden. Voor inwoners die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven bieden we ondersteuning door onder andere opvang of beschermd wonen. Hierbij ontwikkelen we ook mogelijkheden voor maatwerk (denk aan de ontwikkeling van de mogelijkheid tot Beschermd Wonen+). We zetten in op herstel van het normale leven, maar erkennen ook dat het stabiliseren of het begeleiden van de achteruitgang soms het hoogste haalbare is. In het Plan van Aanpak Personen met Verward Gedrag (oktober 2016 in de commissie Maatschappij) werken wij dit uit met onze kernpartners.

Monitoring, verantwoording en leren
Op dit moment vindt de verantwoording over de zorg en ondersteuning in het sociaal domein vooral plaats via rapportages, zowel landelijk als lokaal. Op die manier wordt een beeld gecreëerd op een hoog abstractieniveau. Dit zegt weinig over hoe het nu echt gaat in het sociaal domein, met onze inwoners, wijken en stad. Maken we merkbaar verschil voor onze (kwetsbare) inwoners, buurten en wijken? We werken een nieuwe systematiek van monitoring en verantwoording uit om op een eigentijdse manier verantwoording af te leggen aan inwoners, partners en raad over de dienstverlening in het sociaal domein..  

Strategische indicatoren

Nr.

Strategische indicatoren

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Meting: jaar, peildatum en bron

3.01

% Inwoners van 12-18 jaar dat mantelzorg verricht

11%

13%

GGD-enquête, vier jaarlijks

3.02

3.2 % Inwoners van 18 jaar en ouder dat mantelzorg verricht

18%

17%

20%

19%

onderzoek zorgzame stad/inwonersenquête, tweejaarlijks

3.03

% Inwoners van 18 jaar en ouder dat vrijwilligerswerk verricht

26%

28%

32%

25%

 onderzoek zorgzame stad/inwonersenquête, tweejaarlijks

3.04

% Inwoners (18-64 jarigen) in Helmond dat de eigen gezondheid als matig of slecht beoordeeld

14%

12%

onderzoek zorgzame stad, driejaarlijks

3.05

% 65-plussers in Helmond dat de eigen gezondheid als matig of slecht beoordeeld

20%

20%

onderzoek zorgzame stad, driejaarlijks

3.06

% mensen dat gebruik maakt van een of meerdere individuele Wmo-voorzieningen

6,90%

7,30%

7,60%

7,80%

7,70%

8,80%

Jaarlijks, jaarcijfers, O&S

3.07

Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo (per 10.000 inwoners)

waarstaatjegemeente.nl